fullsizerender-3Op 10 december 2016 kreeg ik samen met minstens 12 andere personen uit Italie en elders, waaronder vriendin en collega Agnes van de Beek, in Ceccano (Lazio, Italia) de prijs ‘ Kronieken van het mysterie’ toegekend voor de Italiaanse versie van mijn boek ‘De glimlach van de sirene. Reis door het Etruskisch labyrint op zoek naar de godin’. Onderstaand de Nederlandse tekst van het dankwoord, dat ik daar in het Italiaans heb uitgesproken. 

Dankwoord

Allereerst wil ik de organisatoren van de ’Premio Nazionale Cronache del Mistero’ uit de grond van mijn hart danken dat ze hebben besloten om mij deze premie toe te kennen. Het is mij een grote eer om een plaats te krijgen in de cirkel van Italiaanse en buitenlandse vrienden, wiens werk op dit gebied op deze manier wordt erkend. Dit voorjaar kwamen Agnes van de Beek en ik in Alatri aan om een bezoek te brengen aan het fresco van Christus in het Labyrint. Het was een bijzondere ontmoeting. Niet alleen omdat het me raakte om nu in het echt te kunnen zien wat volgens mij de essentie is van het Christelijk labyrint, maar ook om de onverwachte ontmoeting met Giancarlo Pavat en zijn vrienden in Ceccano. Zij lieten ons een aantal bijzondere plekken zien, die onze reis langs de pelgrimsroute naar Puglia diepgaand hebben verrijkt. Toeval bestaat niet…Ook hiervoor heel veel dank!

sirenaIk krijg deze onderscheiding voor mijn boek ‘Il sorriso della Sirena’. Graag wil ik hier iets vertellen over het verhaal achter het boek. Ruim 10 jaar geleden kwam ik in mijn eentje aan in Pitigliano om onderzoek te doen naar de tweestaartige meermin. Al jaren was gefascineerd door haar beeld in het Sacro Bosco di Bomarzo. Toen ik haar ook was tegengekomen op Etruskische graven en op vroegchristelijke kerkjes wist ik dat ik op onderzoek uit moest gaan. Mijn belangstelling voor de meermin liep parallel aan mijn werk met het labyrint als spirituele weg. Mijn intuïtie zei me dat dit rijke symbool veel ouder was dan de bekende mythe van Theseus en Ariadne ons wil doen geloven. De Etruskische cultuur kon wel eens een sleutel bieden tot een dieper begrijpen ervan, zo vermoedde ik.

Ik werd rijkelijk beloond. Al gauw werd mij duidelijk dat het geheim lag in het sacrale landschap van de Etrusken, en de sacrale geografie die daarin is neergelegd. Holle wegen, verborgen tempels, open lucht altaren en grotten vertellen samen het verhaal van een oeroude inwijding in het heilig huwelijk tussen hemelgod en aardegodin, met het Meer van Bolsena als heilig centrum.. Het Etruskisch labyrint bleek daar onderdeel van uit te maken. De sirene was – kort samengevat – een symbool van de aardegodin, en een gids voor de ziel in diens lange reis langs de cyclus van het leven.

Na het voltooien van het boek bleef ik in Pitigliano, waar ik de helft van het jaar ging wonen. Mijn band met het sacrale landschap – en met de godin – verdiepte zich door eindeloos veel wandelingen, alleen en met vrienden. Talloze nieuwe plekken kwamen op mijn weg, en ik deed nieuwe ervaringen en inzichten op. De holle wegen leidden me steeds weer door het donker naar het licht. Ik ging groepen mensen rondleiden langs de schatten van de Etrusken, en schreef erover in Nederlandse tijdschriften. En ik bekwaamde me in het energiewerk op oude plekken, onder meer doordat ik in de streek rond Pitigliano – en later ook in Nederland en Peru – de belangrijkste inwijdingen mocht ontvangen in de spiritualiteit van de Inka’s.

fullsizerenderDe dubbelstaartige meermin bleef al die tijd mijn leidsvrouw. Steeds weer kwam ik haar op nieuwe plaatsen tegen: eerst in stadjes in de buurt van Bolsena, en later ook op talloze andere plekken in Italië en in andere landen. Mensen stuurden me afbeeldingen van haar toe, die ze op hun reizen hadden ontdekt. Zo leerde ik haar betekenis op een steeds dieper niveau te verstaan. Een nieuw hoofdstuk in mijn leven brak aan toen ik haar vond in het Vaticaan, boven het graf van Matilda van Canossa. Weer ging ik op reis, in het voetspoor van Matilda’s leven en langs haar heilige plekken. Het verslag van mijn bevindingen kunt u vinden in mijn boek ‘Regina del Vaticano. Viaggio in le orme di Matilde di Canossa’.

Al gaande werd me iets groters duidelijk: dat mijn werk erin bestond om verborgen geschiedenissen van het vrouwelijk goddelijke op te delven, in al haar verschillende verschijningsvormen, om op die manier haar wijsheid terug te halen voor onze tijd. Ik weet me in dit opzicht deel van een groeiende beweging van vrouwen – en steeds meer mannen ook – die hun leven en werk daaraan wijden. Ook in dit opzicht is Italië een voortdurende inspiratiebron voor mij.

Een sleutelbegrip bij dit alles is voor mij verbinding, en dat geldt op allerlei niveaus. De tweestaartige meermin maakt deel uit van een oude symbolentaal, uit een tijd dat het schrift nog maar aan weinigen was voorbehouden. Dat schept ruimte om creatief te zijn met de interpretatie ervan, en om hierbij verbinding te maken met de wijsheid van het hart. Mijn werk is in dit opzicht geïnspireerd door de dieptepsychologie van Carl Jung. Symbolen zijn niet zo maar afbeeldingen, ze zijn verbonden met archetypische krachten, die aanwezig zijn in het veld van het collectieve onderbewuste, en die beladen zijn met energie. Door daarmee de verbinding te maken komen die krachten in ons tot leven, en kunnen we ze op weegschaal van het reflectieve bewustzijn leggen.

Mijn onderzoek is dan ook altijd een combinatie van verschillende methoden. Ik reis, observeer, luister en bestudeer bronnen, maar kijk ook bij mijzelf naar binnen wat symbolen mij te zeggen hebben. Ik heb in dit opzicht veel geleerd door te mij te verbinden met de zeggingskracht van mijn dromen. Veel van wat in mijn boeken staat, is eerder ’ s nachts in beeldende vorm aan mij verschenen. Mijn dromen vertellen me waar te gaan, en waarom, of ze laten me de verbanden zien tussen mijn werk en het ‘grotere geheel’. Ze wijzen me een spirituele weg, een weg van de ziel. Bovenal hebben ze me een besef gegeven van de sacraliteit van de aarde, iets wat in onze cultuur vrijwel verloren is gegaan, maar dat gelukkig sinds enkele jaren bezig is aan een terugkeer.

Verbinding geldt ook voor mijn contacten met de mensen om mij heen, medereizigers op de weg. Ik heb veel geleerd van de mensen die met mij op reis gingen, en die mij lieten zien wat het beeld van de tweestaartige meermin bij hen opriep. Talloze vrouwen vertelden mij hoe zeer zij hen had geholpen hun innerlijke kracht terug te vinden. Ik koester een diepe dankbaarheid voor de mensen die ik onderweg tegenkwam, die mij verborgen heilige plekken lieten zien, en de dialoog met mij aangingen over de betekenis daarvan. Ik leerde van mijn ontmoetingen met kunstenaars en dichters die vanuit hun verbinding met het beeldend en poëtisch bewustzijn een belangrijke bijdrage leveren aan de terugkeer van de creatieve kracht van het vrouwelijke dat door de meermin wordt belichaamd En ik werd geraakt door ontmoetingen met mensen die leven in verbinding met de aarde: de wijnbouwers, boeren en indigenous wisdom keepers die in hun hart nog steeds de taal van de aardegodin met zich meedragen. Met elkaar dragen we bij aan een terugkeer van oude wijsheden voor een nieuwe tijd.

We kunnen dit werk alleen maar doen in overgave aan het Mysterie, in co-creatie met elkaar en met de ‘grotere krachten’ die in en via ons werkzaam zijn. Als we de grenzen van het rationele bewustzijn overschrijden opent zich een nieuwe weg, een weg van verwondering en verbondenheid, waar hart en hoofd kunnen samengaan. Het is een lange weg, die vraagt om aandacht, toewijding, en geduld, en om bereidheid om je neus te stoten. Het labyrint is voor mij daarbij een steun van onschatbare waarde gebleken. Het leert ons de weg naar ons centrum te gaan, met alle omtrekkende bewegingen die daarbij horen. Al gaande leren we om onze schaduw naar het licht te brengen. om tegendelen met elkaar te verbinden, niet om ze uit te vlakken, maar om ze in balans te brengen. De belangrijkste daarvan is nog steeds de verhouding tussen de vrouwelijke en de mannelijke krachten in onze cultuur. Het is mijn hoop dat mijn werk een bijdrage levert aan een verbetering van de balans daartussen.

Graag wil ik tot slot mijn dank uitspreken aan mijn uitgevers A3boeken en Effigi, en speciaal aan Randa Romero, Mia Landman en Chiara Rizzi. Zij hebben mijn boeken op toegewijde, inlevende en bekwame wijze in het Italiaans vertaald, en daarmee een belangrijke bijdrage geleverd aan de verspreiding ervan. En dan is er natuurlijk Agnes van de Beek, die ook gepremieerd is, en met wie ik menig spiritueel en energetisch avontuur in Italië heb gedeeld. De reis gaat voort, je vindt de weg door hem te gaan.

Selma Sevenhuijsen, Ceccano, 10 december 2016.

 

 

Delen…Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn